Les Trois Ballons 2013: De Franse Slag

Gereden op: Saturday 8 June 2013
Afstand: 219 kilometer
Coureurs: Sander

Op donderdag 6 juni vertrok ik rond 12.15u van huis richting Luxeuil- les- Bains in de Vogezen. Ik hoopte dat de reis voorspoediger zou verlopen dan vorig jaar. Niels Spoorbiels en ik hebben er toen zeker twee uur te lang over gedaan. Onderweg ben ik nog snel even langs Math Salden gegaan om o.a. moraal- sokken te kopen, mijn nieuw gekochte, maar te kleine Castelli- shirt te ruilen en andere paniekaankopen te doen.

Na Maastricht wordt de ontvangst van 3FM snel minder, dus komen de oude CD’s tevoorschijn: Undeclinable Ambuscade, Pennywise, Blink 182, NOFX, Vakantie- CD #2, Greenday, System of a Down en Guus Meeuwis (welke hoort niet in het rijtje) werden er doorheen gebrast.

Natuurlijk ontkwam ik niet aan Thionville. Hier wordt momenteel een dramatisch lelijk, megalomaan gebouw geplaatst, dat waarschijnlijk is bedoeld om de totale verpaupering in deze Aars van Europa aan het oog te onttrekken. Achter dit gebouw struikelt men waarschijnlijk over de methadonspuiten. Op het platteland rond Thionville trekt iedereen naar Thionville en van Thionville trekt iedereen naar Parijs.

Meestal rijd ik ter hoogte van Metz- Toul  naar beneden, maar nu mag ik over de prachtige weg richting Epinal en de Vogezen. Langs de kant van de weg bevinden zich enkel bossen en weilanden, roofvogels en zo nu en dan een dorp op een tot de verbeelding sprekende heuvel. Hier fietste ik met Annemarie op weg naar Venetië in 2010. Voor mij het mooiste en het meest verassende gebied van die vakantie.

Om 19.45u reed ik de camping op. Toch nog 7 en een half uur gedaan over dat stukje: dat krijg je als heel Luxemburg veranderd is in een file. De fuik is de oude grensovergang met Frankrijk. Waarschijnlijk hanteren de Fransen hier Le Slague France en zijn ze te lui om het ding weg te halen. De douane heeft daar toch al sinds 1995 geen werk meer? Sierdjan en Niels (waren dinsdag al op de camping) hadden het eten klaar en een koude Kronenbourg voor mijn neus gezet: hulde!

Die avond beloofden we elkaar dat we de volgende dag de hele dag zouden gebruiken om onze fiets te prepareren. Ik brak die belofte door die ochtend nog wat kilometers in te rijden. Voor de rest hebben we precies gedaan wat het beste is op de dag voor de koers: benen omhoog, grappen maken, eten, koffie drinken en vroeg gaan slapen.

We waren opmerkelijk vroeg bij de start. De start was om 7.15u, wij waren er al rond 6.20u. Precies wat we (ik in elk geval :-)) wilden, wat dan zitten we niet tussen de koekenbakkers (…). Hier kwamen we Johan Bouma, vriend van Guus Dijkstra, tegen. Hij weet ook hoe het moet. Mensen die voorin starten, hebben ambitie en gaan hard: daar profiteer je de hele dag van.

Ik hanteerde als altijd de tactiek van de verschroeide aarde: ik ging als een malloot van start door soms 53 km/h te fietsen soms over mijn omslagpunt. Dit blijkt ook uit de STRAVA- gegevens: http://app.strava.com/activities/59035369#1097601273 . Niels hanteerde dezelfde tactiek, want we zaten in elkaars wiel. Sierdjan is zichzelf en begint bescheiden.

De dag begint met de beklimming van de Faucogney: het is een lichte klim, desalniettemin wordt hier het eerste verschil gemaakt. Omdat we bij alle klasbakken (Glasbakken) zijn gestart, word ik aan alle kanten ingehaald door mensen die om en nabij 1 meter 80 zijn en maximaal 69 kilo. Daar doe je dus niets aan. Heel soms haal ik iemand in: er zijn dus nog meer mensen met hoge ambities en weinig kwaliteiten. Toch blijkt op STRAVA dat de klim op zich niet slecht ging: ik reed hem 1 minuut  (7.21) langzamer dan de besten van de dag (6.19).

In de afdaling van de Faucogney valt Sierdjan. Hij kwam ervan af met een blauw oog en een hechting op zijn buik.  Het gaat Sierdjan goed, en hij heeft niets ernstigs. Zijn fiets is kapot, dus hij moet een nieuwe ruilen voor geld. Sierdjan werd (zo blijkt uit eigen zeggen) met fiets en al in de ambulance gezet, alsmede een Belg die eveneens op zijn plaat was gegaan: sleutelbeen. De Belg kon de humor er wel van inzien. In het ziekenhuis begon hij telkens over ‘D’n schone verpleegster’. Het is natuurlijk heel erg balen voor Sierdjan, want hij had goede vorm, had zin in de koers en was goed begonnen. Volgende keer beter! Ongelooflijk stom dat ik mijn telefoon niet bij me had, ik kwam er pas achter toen Johan Bouma het tegen me zei bij de finish. Niels gaf later aan dat een ambulance hem had gepasseerd. Bizar idee dat Sierdjan hierin heeft gezeten.

De tocht ging ondertussen verder. Na de Faucogney, de Col de Chevrères. Pas na 20 minuten ben je op de top, tot die tijd is het tegen het omslagpunt harken. 10% gemiddeld, maar het zijn die maximale percentages! Een stuiterend voorwiel betekent ongeveer 20% stijging: dit had ik een aantal keren. Sommigen gaven aan dat het op delen 27% stijgt, maar dat geloof ik haast niet. Harken, harken, harken en uiteindelijk bovenkomen. Ik zag ook mensen afstappen: zij krijgen het nog zwaar.

Hierna het vierluik: Ballon d’Alsace- Hundsruck- Grand Ballon- Oderen. Op de klims zette ik mijn hartslag op de cruise control, hetgeen ik aardig kon volhouden. Op de Grand Ballon en de Oderen kon ik de HS niet meer echt hoog krijgen. Eten en drinken is altijd belangrijk, maar drinken was vandaag vooral belangrijk. Gemiddeld was het 27 graden en de zon scheen constant, geen wolk te bekennen. Mij hoor je niet klagen over warmte, maar het wordt er niet makkelijker op natuurlijk (ik klaag dus toch?). Vorig jaar was de gemiddelde temperatuur 14 graden overigens.

De afdalingen gingen OK. Overzichtelijk, niet druk en snel. Het was, dacht ik, de afdaling van de Grand Ballon waar ik volgens de Garmin de 80km/h aantikte. Wat een kick geeft dat! Veel mensen zag ik totaal verkrampt dalen: remmen en vierkant door de bochten. Als die velgen maar niet te heet worden.

De eerste ‘echte’ tekenen van verzuring kwamen op de Oderen. Ik kreeg kramp in mijn voet en het ging niet meer super. De klim duurde bovendien veel langer dan verwacht, of leek dat zo?

Ik dacht dat ik alleen vreemde combinaties zou tegenkomen bij de Elfstedentocht. Daar kom je mensen in een overal op tandems met daarop bevestigd een krat bier tegen. Zo erg was het gisteren niet, maar wat ik wel zag: zadeltasjes, rugtassen, camelbacks en stuurcamera’s. Ik hoef verder niets te zeggen natuurlijk (…).

Hierna zou het ‘één lange afdaling’ worden naar de finish: you wish. Hier bleek dat de organisatie vond dat we nog niet genoeg hoogtemeters hadden gereden: De Angliru, de Mortirolo en de Krohnplatz volgden elkaar op tussen kilometer 180 en 205. Ik wist niet wat ik meemaakte. Vooral het feit dat het totaal niet verwacht was, zorgde ervoor dat de moraal daalde tot onder het niveau 0. Binnensmonds kreeg de organisatie ervan langs. Toen ik aan een Belg vroeg: ‘Hoe lang duurt dit in vredesnaam nog?’ antwoorde hij: ‘joaaa, maar het hoort erbij heh’. Ten eerste is het niet een antwoord op mijn vraag. En ten tweede, ik wil nu woorden als: ik vind het ook zwaar! De moraalridder.

Wederom had ik hier last van een stuiterend voorwiel. 20% was ons deel, tot een aantal keren toe. Hier raakte ik de kopgroep definitief uit zicht ;-).

Net als vorig jaar keek ik vaak achterom of de Reus uit Roden, Alias Niels Spoorbiels mij niet voorbij zou rijden. Ook was ik nog in de veronderstelling dat Sierdjan in koers was. Ik stond voor mijn gevoel bijna stil, dus de spanning wat dat betreft liep op. Het was echter een opbeurende gedachte dat ook zij deze klims op moesten. Het was niet Sierdjan of Niels die mij inhaalde, maar Johan Bouma, een vriend van Guus Dijkstra. Een gelletje had hem moraal en pit gegeven, hij ging als een speer.

De @#$%&!*($- organisatie had nog een ander geintje ingebouwd, let goed op: op de bescheiden stond dat de tocht 213 km zou zijn, 8 km langer dan vorig jaar. Bij km 200 stond op een officieel bord: nog 20 km. !$%*??. Echter, bij kilometer 205 kwamen wij een bord tegen met: nog 12 kilometer. !^&*)%?. Bij de finish had ik niet 205, niet 213, niet 220, niet 217, maar 219 kilometer gefietst. De Franse Slag.

Na dit helse hoofdstuk, begon dan eindelijk de afdaling naar de finish. Op mijn laatste energie kon ik net het wiel houden van een groep die ongeveer 40 reed. Met deze groep reed ik over de finish: 8 uur 33 minuten over 219 kilometer, 4000hm (http://app.strava.com/activities/59035369 ). Vorig jaar 8 uur 28 minuten over 205 km, 4300hm. Om mij heen, tijdens en na de koers, hadden opvallend veel mensen last van kramp. Na de koers moest ik door mensen als een plank worden opgehesen, want als ik mijn knieën boog, kreeg ik kramp.

Ik had inmiddels vernomen dat Sierdjan uit koers was, dus was het wachten op Niels. Dit duurde wat mij betreft wat lang, ik vreesde dat het heel erg zwaar voor hem was geweest/ zou worden. Nadat ik een aantal Cola’s had gehaald, zat Niels bij de mensen van Cyclesport Groningen en Johan in het gras. Hij bleek al even rond te zwerven, maar kon ons niet vinden: 9 uur en 5 minuten en eveneens goud, chapeau!

Het parcours was volgens velen (en mij) zwaarder dan vorig jaar. Vorig jaar waren er 300 meer hoogtemeters (4300 om 4000), maar deze waren makkelijker en meer geleidelijk. Dit jaar waren de klims buiten de grote klims vreselijk zwaar qua stijgingspercentage en heel erg onregelmatig.

Niels en ik pleiten nog immer voor het kiloknallerklassement: een klassement voor mensen van boven de 85 kilo. We hebben de mensen van de organisatie nog niet kunnen overtuigen. Het verschil met de winnaars was dit jaar exact 2 uur en 1 minuut. Het relatieve verschil met de winnaars wordt bij elke cyclo minder. Dit geldt ook voor mijn positie in het klassement: 704e van de 2600 ofzo. Closing the gap!

Volgend jaar weer een Franse Cyclo? Ik hoop daar mijn Franse Slag te slaan.